zaterdag 25 augustus 2018

Ogen en oren tekort (vervolg op: Dat gaat mijn pet te boven)

Deze blog is een vervolg op het vorige blog: 'Dat gaat mijn pet te boven'.
Heb je die nog niet gelezen, klik dan hier


Na de uitslag heb ik even met mijn opleider gesproken; hij had een goed idee hoe ik het bij een nieuw examen wel goed kon doen. Maar ik dacht alleen maar: 'waarom zou ik het opnieuw moeten doen, als ik alles goed heb gedaan? En welke garantie heb ik dat ik bij een herexamen wel ga slagen? Wat moet ik dan doen om te laten zien dat ik alles kan zien?"
Het kwam in ieder geval volslagen belachelijk op mij over, de gedachte aan opnieuw examen te moeten doen. Geen haar op mijn hoofd dat hieraan denkt.

En toen kwam ik thuis. In de auto op weg naar huis, heb ik gehuild, zo verdrietig voelde ik me. Thuis aangekomen was er niks meer van over, het enige wat ik nog voelde was woede! Boos was ik!
Ik was gewoon gediscrimineerd! Dat zei ik toen ook tegen de examinatoren, dat het discriminatie was. Maar zo zagen zij het helemaal niet. Er was echt geen sprake van dat ze mij discrimineerden.
Ik was hierover erg verward in mijn gevoel, want mijn gevoel zei me dat mij onrecht is aangedaan.

Thuis moest ik mijn woede zien kwijt te raken, maar ook mijn gevoel van machteloosheid. Ik heb toen met een paar mensen ge-appt, geskyped, gefacetimed.....maar hoe langer ik erover praatte, hoe meer ik het gevoel kreeg van: dit kan gewoon niet..
Ik besloot toen om het hier niet bij te laten zitten, en ging uitzoeken hoe de procedure om bezwaar aan te tekenen eruit zag... en begon gelijk aan een concept brief.

Een paar dagen later ontving ik met de post officieel de uitslag, met beoordelingsformulier van de examinatoren bijgevoegd. In de brief stond dat ik niet geslaagd was, en werd beschreven welke stappen ondernomen kon worden om een herkansing te krijgen. Een standaard brief was het.
Het formulier bekijkend zag ik dat ik alle didactische onderdelen van het examen goed heb gedaan. Je kunt dan denken aan het maken van lesplannen, het stellen van lesdoelen, samenwerkingsafspraken maken, logische opbouw in de les handhaven, hoofd en bijzaken scheiden, demonstreren, doceren, gebruik maken van leer en hulpmiddelen etc...

De opmerkingen bij wat ik fout heb gedaan volgens de examinatoren, hebben allemaal betrekking op mijn gehoorbeperking. Zo stonden er deze opmerkingen op mijn formulier:
* ogen en oren tekort
* tolkgericht
* extra handicap
* verstaanbaarheid
* mist toezicht tijdens luisteren.

De opmerking 'ogen en oren tekort' vond ik afschuwelijk om te lezen. Wat wilden ze hiermee zeggen? De examinatoren wisten dat ik doof ben en gebruik zou maken van een tolk Gebarentaal bij het examen. De communicatie is anders dan wat men gewend is, maar dat wil niet zeggen dat het slechter is.
Grappig trouwens dat ze ogen en oren tekort schrijven...in geval van oren hebben ze wel gelijk :-/
Maar hoezo bepalen zij dat dan, dat ik ogen tekort zou komen?

Wat ik erg belangrijk vind, is om aan zelfreflectie te doen en mezelf af te vragen: "heb ik echt geen fouten gemaakt?".  Dat betekent dat ik het formulier ook objectief wilde bekijken, door de ogen van een examinator (ik ben docent Gebarentaal en heb ook ervaring met examens afnemen).
Ik ontdekte toen dat een aantal opmerkingen wel heel raar geplaatst waren.

Bijvoorbeeld de opmerking -verstaanbaarheid- was geschreven bij taalgebruik tijdens de les.
Taalgebruik gaat over het gebruiken van taal in verschillende situaties. Voor de klas heb je ander taalgebruik dan thuis bij je gezin. Wat heeft verstaanbaarheid hiermee te maken?
Wat is de connectie van verstaanbaarheid met taalgebruik?

Tevens zag ik op het formulier staan dat het spreken een extra handicap is...een zeer vreemde opmerking.  Ik weet nu nog steeds niet wat daarmee bedoeld werd, en daar wilde ik heel graag achterkomen.
Op dat moment begon ik te twijfelen aan het beoordelingsvermogen van de examinatoren.
Dit sterkte me in mijn gevoel om het niet op te geven en bezwaar te gaan maken. Dus schakelde ik hulptroepen in om de bezwaarprocedure te starten.

Wordt vervolgd...




dinsdag 21 augustus 2018

Dat gaat mijn pet te boven (= een uitdrukking, betekent: hier begrijp ik niks van)

Vorig jaar 2017 heb ik een opleiding gevolgd tot instructeur EHBO. Het leek me namelijk erg gaaf en ook goed om eerste dove EHBO instructeur in Nederland te worden.
Dove mensen kunnen in Nederland EHBO lessen volgen, met een tolk Gebarentaal in de klas. Ook bij de examens is er dan een tolk aanwezig, zodat ze hun diploma EHBO kunnen halen.
Maar mooier is als dove mensen in hun eigen taal (Gebarentaal) EHBO les kunnen krijgen. Er is dan direct contact tussen docent en leerling, en niet via de tolk. Daarom wilde ik instructeur worden, zodat ik dove mensen in hun taal EHBO lessen kon geven.

Dus begon ik met goede moed aan de opleiding. De opleider die ik had uitgekozen was zeer enthousiast dat ik instructeur wilde worden. Maar hij waarschuwde me wel dat het niet makkelijk zou worden, hij zag beren op de weg...de organisatie die de examens uitvoert, zou namelijk roet in het eten kunnen gooien.
Ik zag niet zo goed in waarom er moeilijk over gedaan zou kunnen worden, maar inderdaad begon het al in het begin tijdens de mailwisseling: er werd in de mail aangegeven dat men twijfelde of ik het didactisch examenonderdeel wel zou kunnen afleggen, omdat ik doof ben. Na wat mails heen en weer, en met stevige argumenten van mijn kant uit, kreeg ik geen reactie meer. En ik dacht: wie zwijgt, stemt toe.

Met plezier ging ik naar de lessen, ik haalde mijn diploma EHBO, en vervolgde meteen de opleiding tot EHBO-instructeur. De examens kwamen al snel in zicht, ik deed namelijk de versnelde opleiding. Het was hard studeren en oefenen, maar ik slaagde voor mijn theoretisch examen en mijn praktijkexamen!
Toen, een paar weken later, kwam het laatste examenonderdeel: het didactisch examen, in zicht. Je gaat dan onder toeziend oog van twee examinatoren een EHBO les geven aan een groepje (in mijn geval mijn klasgenoten).
Ik kreeg van te voren opdrachten; welk hoofdstuk ik moest behandelen, ik moest een lesomschrijving maken, de hele les voorbereiden, zorgen dat mijn lesmateriaal in orde was, de hele mikmak moest gewoon heel goed zijn. Weken heb ik me tot in de puntjes voorbereid, en ik was er klaar voor toen het examen eraan kwam.

Met een tolk Gebarentaal (zodat ik conversatie tussen mijn klasgenoten kon volgen tijdens mijn 'lesje') ging ik les geven. Ik was best zenuwachtig, maar het ging goed. Ik heb alles goed kunnen volgen, mijn 'leerlingen' deden de handelingen die ze in mijn les moesten doen, goed. Als ik zag dat er fouten gemaakt werden, dan greep ik in, ik stelde vragen, herhaalde wat er gezegd werd etc. Ik voelde dat het supergoed ging, en vergeleek mezelf met mijn klasgenoten. Eentje had de les best chaotisch gedaan, als híj slaagde, dan slaagde ik zeker.

Na de les begon het wachten op de uitslag en het duurde vrij lang. Ik zag op een gegeven moment de examinator bellen, en ik voelde spanning opkomen. Het klopte niet voor mijn gevoel.
Daarna mochten we een voor een naar binnen; de eerste ging naar binnen en kwam naar buiten met een grote smile... geslaagd! Tweede idem dito. De derde (die klasgenoot waar ik de les erg chaotisch van vond) óók geslaagd, daar was ik best verbaasd over. Dus ik dacht: nou, dan ben ik zéker geslaagd! En toen was het moment daar, ik mocht naar binnen.
Ik zag het gelijk toen ik binnenkwam, aan hun gezichten....dat ik niet geslaagd was..... :-(

Okee, dacht ik, vertel me maar wat er fout is gegaan. Ik ging open het gesprek in, en was erg benieuwd naar hun oordeel.
Ze vertelden me met een glimlach dat alles goed ging: de les verliep goed, ik stond er ontspannen bij, ik heb geen foute handelingen gemaakt of foute informatie gegeven. Ik heb goed gereageerd op mijn leerlingen, kortom...heel goed.
Nu werd ik toch wel benieuwd wat er dan fout ging, en nu komt het...

De examinatoren twijfelden eraan of ik wel goed zicht had op de hele omgeving omdat ik naar de tolk moest kijken...
(even voor het beeld: twee klasgenoten moesten in opdracht van mij een EHBO handeling doen, ik moest controleren of dat goed ging. De tolk Gebarentaal stond erbij, en vertaalde alles wat de klasgenoten zeiden tegen elkaar, zodat ik het geheel kon verstaan)

En dus dachten de examinatoren: 'als zij naar de tolk kijkt, ziet ze de EHBO handeling niet, en kan ze dus niet goed beoordelen of de handeling goed of fout is'.
Dat snapte ik in eerste instantie wel, dat ze daarover hun twijfels hadden. Ik vroeg of ik daar dan een fout in gemaakt had? Was er vanuit mijn kant dan gebleken dat ik de handeling niet goed beoordeeld had?
Nee, nee, dat was niet het geval....ik had het goed gedaan.
Maar toch, zie ik wel het geheel?? daar hadden ze hun twijfels over.

Langzaam aan raakte ik een beetje flabbergasted...meenden ze dat nou?
Ik heb alles goed gezien, ik heb geen fouten gemaakt, ik heb een supergoeie les gegeven en toch ben ik niet geslaagd, omdat zij denken dat ik niet alles kan zien en dus niet goed kan beoordelen.

Ik vroeg aan hun: 'als er een radio in een lokaal aanstaat, en u geeft les....ben ik dan in staat om te kunnen bepalen dat u waarschijnlijk niet alles zal kunnen verstaan, omdat de radio aanstaat?'

Maar deze vergelijking ging niet op voor hun....
Nu 1 jaar later, snap ik nog steeds niet waarom dat niet hetzelfde is.
Een ander kan toch niet bepalen wat ik wel of niet zie. En als ik iets niet goed gezien heb, dan kan ik toch wel zelf aangeven dat ik het niet goed gezien heb, daar draag ik toch mijn eigen verantwoordelijkheid in?
Iemand die mij dit kan uitleggen?

Tot zover deze blog,
wordt vervolgd.... (want er gebeurde nog veel meer..)

zaterdag 28 april 2018

Eye-opener!!

Omdat ik bestuurslid ben van een landelijke belangenorganisatie in Nederland, mag ik cursussen volgen.
Dus was ik onlangs aan een kleine cursus begonnen, in Utrecht.
Omdat deze cursusdag zou eindigen om 17uur, besloot ik met OV te gaan. Dan hoefde ik op de terugweg niet in de file te staan.

De eerste cursusdag was erg leuk, ik ontmoette er nieuwe mensen die werkzaam zijn voor verschillende belangenorganisaties. Er was ook een blinde man bij.
Hij zag er woest uit, niet in de zin van boos, maar met wild grijs haar en een volle baard. Het was een intrigerende persoonlijkheid vond ik.
Knalblauwe ogen, waarmee hij niks (of weinig) kon zien. Maar met veel humor.

Toen de cursusdag was afgelopen en het vragenrondje gaande was, vroeg hij wie er met OV was gekomen. Zijn vraag was namelijk om dan met die persoon mee te kunnen lopen naar het Centraal Station.
Ik wachtte af, want in mijn hoofd schoot het meteen: 'Hopelijk zijn er meer mensen met het OV gekomen'. Eerlijk gezegd had ik niet veel zin om een blind persoon te begeleiden. Hij heeft een baard, zijn lippen zijn moeilijk te zien. Voor de duidelijkheid; het ging me er niet om dat hij blind is, maar om de conversatie die ik met hem zou moeten hebben. Ik was moe, en had geen zin in moeilijk verstaanbare gesprekken.

Omdat iedereen met de auto bleek te zijn, en niemand aanbood om hem naar het CS te rijden, zei ik dat hij met mij mee kon. Ik vertelde hem dat ik doof ben, en dat het voor mij belangrijk is om duidelijk te praten.
Achteraf pas realiseerde ik me dat het voor hem misschien moeilijk voor te stellen is: duidelijk praten, hoe doe je dat? Hoe ziet dat eruit?

We gingen op pad, het eerste deel was het lopen naar de bushalte.
Gelukkig had ik ooit tijdens de opleiding geleerd hoe je een blind persoon kunt begeleiden, dus dat ging prima. Hij pakte me bij mijn elleboog en we liepen naar de bushalte.
Hij  maakte op dat moment geen gebruik van een blindengeleidenstok, geen idee of het dan makkelijker is. Maar hij struikelde al snel over een loszittende stoeptegel. Ik schrok, hij moest lachen. Ik vroeg hem wat ik moest doen, moest ik waarschuwen als er obstakels waren? Ik wist het eigenlijk zelf niet zo goed. Maar ik vertelde nu meer over de omgeving aan hem; 'we komen nu bij een stoplicht', 'wacht even, een fietser'...etc...

Gelukkig belandden we veilig in de bus. In de bus viel hij ook bijna, maar dat kwam door de buschauffeur, die ineens optrok, terwijl we nog niet zaten.
Tijdens de rit viel me in 1 keer op dat hij aan het praten was. Ik had het eerst niet in de gaten, maar zag zijn lippen bewegen.
Ik vroeg hem: 'praat je nu tegen mij?'
'Ja', knikte hij.
Ik: 'oooh, maar wil je dan je hoofd wat omhoog doen, want ik kan je lippen niet goed zien'. Hij richtte meteen zijn hoofd op, maar nu naar boven gericht.
Ik ben in contact met anderen zo gewend aan oogcontact, maar bij hem was dat moeilijk. Ook omdat hij zijn hoofd omhoog had, zijn gezicht naar het plafond gericht. Het was voor mij een vreemde gewaarwording, maar hij oriënteert zich natuurlijk op geluiden.
Het zag er wel komisch uit, wij samen in de bus en proberen een gesprek gaande te houden. Ik moest denken aan die oude film: 'See No Evil, Hear No Evil' (1989, https://www.moviemeter.nl/film/737)

Bij het Centraal aangekomen, vroeg ik op welk perron hij moest zijn. Hij vertelde me zijn reisbestemming en dat was toevallig naast mijn perron. Dus dat was wel fijn, kon ik hem tot daar aan toe begeleiden.
Ik vroeg me gelijk wel af hoe hij weet op wèlk perron hij moet zijn? Je kunt het nummer dan wel weten van het perron, maar hoe weet je wààr dat perron is?
Maar tijd om te vragen was er niet, want we kwamen bij een roltrap. Daar aangekomen vroeg ik me af of het niet beter was om de trap te nemen.
Ik besloot hem te vragen wat hij wilde, en hij zei dat het niks uitmaakte. Dus ik antwoordde in een impuls: 'oké, dan wordt het de roltrap'. En ik loop voorop en de volgende vraag dringt zich gelijk op: 'hoe weet hij dat hij goed op de trede stapt? Gaat dat wel goed?'.
Ik wilde hem al gelijk op mijn rug nemen, bij wijze van spreken, maar dat was gelukkig niet nodig. Hij stapte er gewoon goed op.
Toen door de hal, naar het perron. Bij het perron aangekomen, namen we afscheid en ik vervolgde mijn eigen weg met mijn hoofd vol vragen.

Deze ontmoeting was voor mij leerzaam. Ik realiseerde me dat ik net zoveel afweet over blinde mensen als anderen weten over dove mensen.
Nu begrijp ik beter dat mensen niet veel weten over mensen met een beperking, gewoon omdat ze er nooit mee in aanraking komen. Pas op het moment dat je ermee in aanraking komt, dàn pas ga je dingen afvragen zoals: 'hoe doen ze dat?'
Hoewel ik eerst dus geen zin had hierin, ben ik achteraf dankbaar dat ik het meegemaakt heb. Ik vond het op het moment best moeilijk en lastig, maar het heeft me bewuster gemaakt. Het was een rijke ervaring en een EYE-opener  :-)









maandag 12 maart 2018

Het nut van logopedie

Een week of twee geleden ging ik met een groepje vrienden naar de bioscoop in Utrecht om naar de film 'Deaf Child' van Alex en Tobias de Ronde te kijken.
Deze film is echt een aanrader voor iedereen, kijk maar eens naar de trailer: https://vimeo.com/242242376

Die middag was de voorpremière van de film. Nadat de film afgelopen was, vond er een interview plaats met Tobias, de hoofdrolspeler en zijn vader Alex. Het publiek zou dan in de gelegenheid zijn om vragen te stellen.
Het interview was alleraardigst, en de vragen die gesteld werden door de interviewer of vanuit het publiek waren mij niet vreemd.
Eén vraag echter bleef bij mij blijven hangen. Ik vermoed dat de vraagsteller zelf logopediste is. Deze vrouw vroeg namelijk aan Tobias of hij achteraf niet vond dat logopedie toch wel nut heeft gehad voor hem.
In de film namelijk kwam heel duidelijk naar voren dat Gebarentaal (communiceren met je handen en mimiek zonder stem) de meest toegankelijke taal is voor dove mensen, en logopedie kreeg in de film niet echt de schoonheidsprijs)

Deze vraag is mijzelf nooit zo direct gesteld, wel kreeg ik vaak de opmerking te horen: 'wat kun je goed praten, daar zul je wel blij om zijn.'
Als je erover nadenkt, is het best een rare opmerking. Het geeft me altijd het gevoel dat ik als doof persoon 'geslaagd' bent.
Dit gevoel komt voort uit een soort echo in mijn hoofd: als kind op de school voor slechthorenden hoorde ik regelmatig de leerkrachten zeggen dat goed praten heel erg belangrijk is. Dan kon je namelijk communiceren met de mensen in de samenleving.
Maar wat moet zo'n opmerking wel niet betekenen voor al die dove mensen die niet zo mooie stem hebben of niet zo goed verstaanbaar zijn? Zijn zij niet zo 'geslaagd'??? Kunnen ze minder goed meedoen in de samenleving? Kunnen ze niet communiceren met mensen?

Maar daarnaast vind ik de vraag zèlf nog interessanter...
Blijkbaar hebben mensen (lees: logopedisten) er behoefte aan om deze vraag te stellen, om vervolgens een soort van bevestiging te krijgen dat logopedie nuttig is voor dove kinderen/volwassenen?
Voelen ze zich bedreigd? Denken ze misschien zèlf dat logopedie geen nut heeft bij dove mensen? Waarom stellen ze anders die vraag?

Ik heb als kind heel veel logopedie-lessen gehad, van Limburgse logopedisten. Misschien dat in mijn stem daardoor ook de zachte G te horen is. Ik vond de lessen als kind wel leuk, maar ook regelmatig strontvervelend. Je moest dan met je hand voelen aan de keel van de logopedist, of ze zat met haar vingers in je mond (en 1 logopedist rookte, urgh!). Of je moest naar jezelf kijken in de spiegel hoe de mond bewogen moest worden. Wat ik zo verschrikkelijk moeilijk vond waren woordjes met -st-, zoals alstublieft (ik vergat de -s- altijd).
En nu kan ik heel goed spreken. Heel mooi zelfs. De logopedisten zullen waarschijnlijk heel trots zijn op mij en op zichzelf. Het is ze gelukt om een doof kind te laten spreken met een mooie stem, met intonatie....
Maar even terugkomend op die vraag:
'heeft logopedie nut gehad voor MIJ?'

Mijn antwoord:
Nee, het heeft geen nut gehad.
De logopedie-lessen hebben opgeleverd dat iedereen mij kan verstaan en weet wat ik zeg.
Maar 1 probleem: ik versta jullie nog steeds niet....

vrijdag 23 februari 2018

Land van Gebarentaal

Doof zijn, soms vind ik het er niks aan!
Ik voel me met momenten best alleen en geïsoleerd in onze samenleving.
Ik leef 24/7 in de horende, gesproken omgeving. Ik zie dove mensen of andere Gebarentaal-gebruikers af en toe bij vergaderingen, feestjes, evenementen, maar niet elke dag.
Dat kan mij een ontheemd gevoel geven, alsof ik iemand ben zonder eigen land.
En ergens klopt dat ook wel. Dove mensen hebben met hun eigen Gebarentaal helaas geen eigen land.

Daar droom ik wel eens over...een land waarin iedereen communiceert in Gebarentaal. En dan fantaseer ik dat bijvoorbeeld het eiland Texel aangewezen wordt als land van Gebarentaal en dat alle Gebarentaal-gebruikers daar gaan wonen. Maakt niet uit, doof of horend, iedereen die Gebarentaal 'spreekt'  is er welkom.

In zo'n land kan ik dan gewoon een praatje op straat maken met mijn buren. Weet ik gelijk wat er in mijn buurt gebeurt, en ben ik op de hoogte van alle roddels ;-)
Wat ook makkelijker zou zijn in Land van Gebarentaal is dat ik meer spontaan kan leven.
Als ik vanavond zin heb om naar een voorstelling te gaan, dat ik dan gewoon kan. (kan ik nu ook doen, maar ik volg dan niks. En eventjes snel een tolk Gebarentaal boeken gaat ook niet, die moet zich voorbereiden op zo'n voorstelling)
En als ik morgenvroeg naar het museum wil, dat dat ook geen belemmering is.
(kan ik nu ook doen, maar de audio tours in het museum zijn niet geschikt voor mij. Er zijn wel steeds meer dove museumgidsen in Nederland, maar alleen op vastgestelde datums en tijden. Dan is de spontaniteit ook weg)

En mocht ik een dokter nodig hebben, dat ik de assistente kan bereiken via WhatsApp. En als ik in een noodsituatie terecht kom, dat ik dan via FaceTime of Skype de hulpdiensten (112) kan oproepen.
Als mijn kind 's avonds ernstige buikpijn krijg, dat ik dan zonder problemen kan whatsappen met de huisartsenpost om te vragen of we langs kunnen komen. En dit alles zonder tussenkomst van een tolk.

En mensen die Gebarentaal leren, komen dan bij ons op vakantie om de taal te oefenen in de dagelijkse praktijk, net zoals mensen die een cursus Spaans volgen naar Spanje gaan.
Films en tv programma's zijn dan in Gebarentaal, maar ook heb je tv zenders waar reguliere films en programma's worden uitgezonden. Maar alles met ondertiteling, echt alles! Deze ondertiteling is dan ook van een top kwaliteit, niet zoals het nu is. En om het mooier te maken; je hebt dan een knopje op je afstandsbediening, als je erop klikt, dan verschijnt een tolk Gebarentaal in beeld als je deze liever hebt dan ondertiteling. Voor elk wat wils.

En als je onderweg bent met OV, dan zijn er overal informatieborden bij de stations, in de bussen en/of treinen of andere vervoersmiddelen, waarop alle laatste informatie vermeld staat. Echt àlle informatie, dus ook informatie met betrekking tot vertragingen, omleidingen, uitval etc. Zodat je niet onwetend ergens op een leeg perron strand of op een verkeerde plek terecht komt. De informatie is dan in zowel geschreven taal als Gebarentaal.
Want we willen natuurlijk wel toegankelijk blijven voor onze gasten, de horende buitenlander ;-)
In de winkel kun je zonder problemen met de winkelier praten over een product, en er vragen over stellen.
Bij de apotheek gaat de uitleg over een medicijn dan gewoon vanzelf, en is alles duidelijk.

Zo kan ik nog wel even een tijdje doorgaan met dromen.
Is er misschien iemand die een land weet waar nog geen bewoners zijn? Want land afpakken vind ik geen optie (casus Israel-Palestina)

Heerlijk, deze droom. Totdat ik ontwaak in deze realiteit....zucht...





vrijdag 7 april 2017

Dilemma

Alweer een tijd geleden stonden er twee buren uit mijn wijk bij mij aan de deur. Ze kwamen me vertellen dat de zoon van onze overbuurvrouw was overleden bij een ongeval. 
Ik vond het ontzettend attent van ze, dat ze mij op de hoogte kwamen brengen. Normaal gesproken horen we dit soort nieuwtjes als laatsten.
Niet lang erna kregen we een kaartje in de brievenbus, we waren uitgenodigd om bij de uitvaart aanwezig te zijn. 
Dit had ik zelf niet verwacht, ik kende die jongen niet persoonlijk, alleen van het zien. Wel wandelen we af en toe samen met de overbuurvrouw en onze honden. Dan hebben we leuk contact. 
Maar nu waren we dus uitgenodigd om bij de uitvaart aanwezig te zijn.

De uitvaart zou gehouden worden in de kerk, in het dorp waar we wonen.
We hadden de verwachting dat het erg druk zou zijn. Om een goed plekje te bemachtigen gingen we er al vroeg heen. Zoals we al dachten, was de kerk al erg vol. 
In de kerk zijn er veel zuilen, en ik wilde niet achter zo'n zuil zitten. Dan zie je niks en in ons geval hoor je ook niks. 
Gelukkig vonden we een mooi plekje in de kerk, met goed uitzicht op de pastoor. 

Voorafgaand aan de uitvaart hebben we wel zitten nadenken of we een Gebarentaaltolk zouden inzetten. Normaal gesproken doe ik dit gewoon, maar in dit geval vond ik het wel lastig. De overbuurvrouw kennen we niet heel erg goed, alleen van onze gezamenlijke wandelingetjes. Ook heeft Nico er af en toe een keertje geklust. 

De volgende vragen spookten door mijn hoofd:
Kan ik hier ook een tolk inzetten? 
Stellen mensen dit wel op prijs? 
Moet ik de overburen eerst vragen of ze hier geen problemen mee hebben?
Kan ik ze wel lastig vallen met deze vragen, ze hebben net hun zoon verloren?
Als ik het gewoon doe, stoot ik dan mensen voor het hoofd?

Ik wil graag dat doofheid meer zichtbaar wordt in onze samenleving. 
Dit kan door inzetten van tolken Gebarentaal. Maar vind het vooral lastig hoe hiermee om te gaan bij voorbeelden zoals hierboven staat beschreven.

De uitvaart zelf hebben we niet veel van meegekregen. Ik heb niet goed kunnen doorvoelen wat een gemis het voor de familie van de jongen moet zijn, dat hij overleden is. 
Ik ben niet geraakt, voelde me emotieloos. 
Dat vind ik jammer. Ik ben graag betrokken met mensen en wil ook graag meedoen. 

Daarom vraag ik me af: 
stel als dit weer een keer voordoet, wat is dan het beste om te doen?
Moet je dan mensen benaderen om te vragen of je een tolk kan inzetten? 
Of gewoon doen?
Ik ben benieuwd naar reacties van vooral horenden en ook benieuwd naar de ervaringen van andere dove mensen.

Fijn weekend, en tot snel 



donderdag 15 december 2016

Moe aan de lopende band

  
Al twee jaar kamp ik met een tekort aan energie. Sinds ik in oktober 2014 een burn-out kreeg, is mijn energie tot op heden niet meer wat het was.
Ik ben een persoon wat graag bezig is en vanuit passie zaken aanpakt. Als je dan door je lijf iedere keer terug geroepen wordt, dan is dat niet leuk.
De laatste weken denk ik er veel over na. Natuurlijk word ik ook een dagje ouder, 20 ben ik al lang niet meer. Maar zo oud ben ik nu ook weer niet, men zegt zelfs: vanaf je 40e begint je leven pas....
Hoe langer ik erover nadenk, hoe duidelijker het voor mij wordt dat dit energie-tekort een proces is wat al jaren geleden in gang is gezet.

Toen ik klein was, kreeg ik hoortoestellen. Hierop volgde jarenlang heel veel logopedie-lessen, om te leren spreken. Ook kregen we op school ontzettend veel taallessen, alles gericht om de taal goed te kunnen ontwikkelen (ik praat dan over gesproken Nederlandse taal).  Als je niks of slecht hoort, betekent dit dat je de hele dag moet focussen op dat kleine deeltje van het gezicht: de lippen.
Die lippen zijn echt heel klein, en daar moet je dan woorden vanaf lezen. Probeer het maar eens uit, vraag je partner, vriend of je kind om iets te zeggen zonder geluid, en probeer te achterhalen wat die persoon zegt. Op youtube is daar ook een filmpje van, dat aantoont dat het liplezen ontzettend moeilijk is, maar ook heel veel energie kost. (https://www.youtube.com/watch?v=n1jLkYyODsc)
Daarnaast zat ik als kind van negen uur tot half vier op school. Maar ik werd al om 8 uur opgehaald met het busje en kwam om half 5 pas thuis. Dat zijn lange dagen, vooral als je erg klein bent. Dat vreet energie...ik denk dat mijn level toen lichtgroen was (zie plaatje)

Maar gelukkig hebben de meeste kinderen nog veel energie en lukt het allemaal wel. Vanaf de puberteit begon hier verandering in te komen. Ik kreeg last van moeheid en slaap en lag elke avond al om half tien in bed. Als kon, dan sliep ik zoveel mogelijk uit. Nu is dit geen onbekend fenomeen bij pubers, alle pubers zijn wel moe. Dit komt ook door de grote veranderingen die op het moment in het lichaam plaats vinden. Dus dit viel niet zo op.. ik was net als alle andere pubers. Mijn energielevel zat waarschijnlijk in het geel, lichtgroen.

Iets ouder weer, adolescentie en de jaren dat ik zelf moeder werd, werd de energie steeds minder. Altijd was ik moe, moe. Hoofdpijn, droge ogen. Ik zelf begreep niet waarom ik me zo moe voelde. Wilde me er eigenlijk ook niet mee bezig houden; als je iets negatiefs aandacht geeft, wordt het alleen maar erger. Ik dacht zelf dat het gewoon aan de fase lag waarin ik zat. Maar welke fase? Eigenlijk was ik sinds de puberteit aan de lopende band moe, de level zal toen wel oranje zijn geweest.

Ook onzekerheid speelde me parten. Ik had kleine kinderen die 's middags in bed een dutje deden. Via een babyfoon kon ik in de gaten houden wanneer ze wakker werden. Maar die ging om de haverklap af. Als er een brommer of auto langskwam, dan begon het systeem al te flitsen of te trillen. Ik was dus continue aan het checken of het geen vals alarm was. En dan vloeit de energie weer weg.

Jaren later, ik was in Utrecht op Werelddovendag en kwam er in gesprek met een vrouw.
Het gesprek ging op een gegeven moment over energie en moe zijn. Ze zei: 'ik zeg altijd tegen mensen dat mijn energielevel vergelijkbaar is met mijn leeftijd PLUS 10 a 15 jaar erbij'. Ze bedoelde dus dat haar energielevel niet haar leeftijd is, maar van iemand die 10 a 15 jaar ouder is.
Zelf had ik het nooit ze bekeken, maar vond het wel herkenbaar.

Mijn doofheid heeft heel veel invloed op mijn energielevel. Ik vind het best lastig om hiermee te moeten dealen
Ook denk ik dat men in de samenleving zich daar te weinig van bewust is, en hiermee weinig rekening houdt.
Dove mensen moeten in de samenleving aan dezelfde eisen voldoen als horende mensen.
Ik kan dit wel verduidelijken met een voorbeeld:
Bij mijn laatste werkgever hadden we na schooltijd regelmatig vergaderingen. Hierbij werd een tolk Gebarentaal ingezet, maar ik moet helaas bekennen dat ik van die vergadering maar weinig mee kreeg. Zelf had ik dan al de hele dag lesgegeven, en je bent dan als doof persoon continue bezig om je ogen te gebruiken. Dat is vermoeiend. En dan moet je op het eind van de dag nog anderhalf uur naar de tolk kijken. Je zou dan graag even 5 minuutjes je ogen dicht willen doen, maar dat kan natuurlijk niet.

Na jaren een energie-tekort te hebben gehad, stond mijn energielevel plotseling in het rood. Ik had niet verwacht dat het zo lang duurt om de batterij op te laden. Ik denk dat ik nu in de oranje-gele level zit, dus ik heb nog een lange weg te gaan.

In ieder geval, voor mijzelf ben ik nu heel hard aan het oefenen om NEE te leren zeggen.
Alleen ik bepaal hoever ik kan gaan. Op deze manier hoop ik mijn energie langzaam aan weer op te bouwen en op peil te houden, zodat de komende jaren ik als energiek persoon door het leven kan gaan.